Hoeveel mag ik laden?
De eenvoudige uitleg, begin hier: de vrachtauto met een aanhangwagen en de trekker met een oplegger.
De vrachtauto met een aanhangwagen
1Eerst de auto alleen
toegestane maximummassa (TMM) · veld F.226.000 kg
massa rijklaar · veld G− 9.800 kg
laadvermogen16.200 kg
Meer niet. Een bijrijder, je gereedschap en de pallets gaan er nog af.
2Dan de aanhanger alleen
toegestane maximummassa (TMM)20.000 kg
massa rijklaar− 5.200 kg
laadvermogen14.800 kg
Die 2.000 kg staat dus niet op de aanhanger, maar op de auto, en telt daar mee als gewicht.
3En nu samen
16.200 + 14.800 = 31.000 kg. Zoveel mag je niet laden. Samen hebben ze een eigen maximum, en dat is lager.
maximum massa samenstel40.000 kg
massa rijklaar− 9.800 kg
massa rijklaar− 5.200 kg
laadvermogen van de combinatie25.000 kg
Aanhanger vol met 14.800 kg? Dan blijft er voor de auto 10.200 kg over.
F.2 is de toegestane maximummassa (TMM): wat het voertuig vol mag wegen. G is de massa rijklaar: wat het leeg weegt, met chauffeur en volle tank erbij. Het verschil tussen die twee heet het laadvermogen. Staat er ledig gewicht op je papieren? Tel daar 100 kg bij op, dan heb je de massa rijklaar.
De trekker met een oplegger
1Eerst de trekker alleen
toegestane maximummassa (TMM) · veld F.219.000 kg
massa rijklaar · veld G− 7.700 kg
opleggerdruk11.300 kg
Een trekker heeft geen laadbak. Je laadt er niets in. Wat hij kan hebben, is het gewicht van de oplegger op zijn schotel.
2Dan de oplegger alleen
toegestane maximummassa (TMM)39.000 kg
massa rijklaar− 7.000 kg
laadvermogen32.000 kg
Die 12.000 kg staat dus niet op de oplegger, maar op de trekker.
3En nu samen
De oplegger zou alleen 32.000 kg mogen laden. Samen mag het minder.
maximum massa samenstel44.000 kg
massa rijklaar− 7.700 kg
massa rijklaar− 7.000 kg
laadvermogen van de combinatie29.300 kg
Er zijn dus twee getallen: 32.000 kg voor de oplegger alleen, en 29.300 kg voor de twee samen. Het laagste getal telt altijd.
Laadvermogen berekenen met het kentekenbewijs
De volledige uitleg; lees eerst de eenvoudige uitleg (hierboven). Eerst de voertuigen apart, dan auto met aanhanger en trekker met oplegger.
De voertuigen apart
1Vrachtauto — bakwagen, 3 assen
De bestuurder van 75 kg zit al in de massa rijklaar. Een bijrijder, gereedschap, pallets en een laadklep gaan er nog af.
2Aanhangwagen — middenasser
Van die 20.000 kg staat maar 18.000 kg op zijn eigen wielen. De rest rust op de koppeling, en telt dus mee bij de auto.
3Trekker — zonder oplegger
Een trekker heeft geen laadvloer: zijn laadvermogen is wat er op de koppelschotel mag drukken. Twee grenzen — wat er nog bij zijn eigen gewicht past (11.300) en wat de schotel aankan (12.000). De laagste telt: 11.300 kg.
4Oplegger
Dezelfde som als bij de aanhanger, alleen zwaarder: 27.000 kg staat op zijn eigen assen, de andere 12.000 kg rust op de trekker.
Die 32.000 kg haal je alleen als de trekker die 12.000 kg ook mag dragen — en dat mag de trekker van kaart 3 niet. Zie verderop bij de trekker met oplegger.
Laadvermogen van een samenstel
Waarom je de twee maximummassa’s nooit bij elkaar mag optellen
Een aanhanger of oplegger staat niet helemaal op zijn eigen wielen. Een deel van zijn gewicht rust op de koppeling of op de koppelschotel, en drukt daar op het trekkend voertuig. Dat deel staat dus twee keer op papier: in de maximummassa van de aanhanger of oplegger, én in die van de auto of de trekker, want die moet het dragen.
Daarom heeft een samenstel een eigen maximum: de maximum massa samenstel. Dat getal staat op het kentekenbewijs van het trekkend voertuig en is altijd lager dan de twee getallen bij elkaar opgeteld. Met dat getal reken je, en verder met geen enkel ander.
5Vrachtauto met aanhangwagen
De auto alleen mag 16.200 kg laden en de aanhanger 14.800 kg. Samen zou dat 31.000 kg zijn, maar het samenstel laat maar 25.000 kg toe. Wie optelt, laadt er 6.000 kg naast.
Laad je de aanhanger helemaal vol (14.800 kg), dan houd je voor de auto 25.000 − 14.800 = 10.200 kg over. De auto weegt dan 9.800 leeg + 10.200 lading + 2.000 koppeldruk = 22.000 kg. Dat is ruim onder zijn eigen 26.000 kg, dus dat mag.
6Trekker met oplegger
De oplegger alléén zou 32.000 kg mogen laden (zie kaart 4). Met deze trekker eronder haal je dat niet. Er zijn namelijk drie grenzen tegelijk, en de laagste wint:
Vol geladen weegt de oplegger 7.000 + 29.300 = 36.300 kg. Op zijn eigen assen mag 27.000 kg staan, dus er moet minstens 36.300 − 27.000 = 9.300 kg op de schotel drukken. En er mag hoogstens 11.300 kg op, want meer heeft de trekker niet over. Tussen die 9.300 en 11.300 kg moet je uitkomen: schuif de lading naar voren als de assen te zwaar zijn, naar achteren als de schotel te zwaar is.
- Laadvermogen is altijd toegestane maximummassa min massa rijklaar. Van het voertuig dat voor je staat, niet van het type.
- Wat op de koppeling of op de schotel drukt, telt bij het trekkend voertuig — en staat tegelijk in de maximummassa van de aanhanger of oplegger.
- Daarom mag je die twee nooit bij elkaar optellen. Een samenstel heeft een eigen maximum.
- Er gelden altijd meerdere grenzen tegelijk: het trekkend voertuig, de aanhanger of oplegger, het samenstel en de aslasten. De laagste telt.
- In Nederland weegt een gewoon samenstel nooit meer dan 50.000 kg, een LZV hoogstens 60.000 kg. In het internationale vervoer moet elk EU-land minstens 40.000 kg toelaten (44.000 kg met een 40-voets container in gecombineerd vervoer). Het kentekenbewijs is meestal strenger.
Zet je de lading allemaal achterin, dan is de achteras te zwaar terwijl het voertuig in totaal precies goed weegt. De toegestane aslasten staan apart op het kentekenbewijs en gelden altijd. Zwaar spul hoort vooraan tegen het kopschot en zo dicht mogelijk bij de assen.